Met het verdwijnen van de talkshow van Jimmy Kimmel verdwijnt een kritisch geluid tegen Donald Trump. De Amerikaanse president lijkt nieuwe stappen te ondernemen tegen media die hij als ‘te links’ beschouwt. Maar hoe ver reikt zijn invloed op mediabedrijven?
“Zenders maken avondprogramma’s, en het enige dat ze daarin doen is Trump aanvallen. Dat mogen ze niet doen”, geeft Trump als reactie op het nieuws rond Kimmel. “Ze zijn een verlengstuk van de Democratische Partij”, zegt hij over de shows die kritiek op hem uiten. “Ik denk dat hun licentie misschien moet worden ingetrokken.”
Het rommelt al langer tussen de latenightshows en de president. Onlangs werd bekend dat de latenightshow van Stephen Colbert, een criticus van Trump, volgend jaar eindigt. Geld zou de reden zijn, maar Trump vierde “het ontslag van Colbert” op Truth Social. Hij voorspelde dat Kimmel de volgende zou zijn.
Kimmel, ook kritisch op Trump, werd woensdag van de buis gehaald na een opmerking over Trump-aanhangers. Hij stelde dat zij zich in bochten wringen om te ontkennen dat de schutter die Charlie Kirk vermoordde uit een Republikeins nest kwam.
De Amerikaanse toezichthouder FCC zette publiekelijk druk op ABC, dat Kimmel uitzendt. De zender besloot de stekker voorlopig uit het programma te trekken nadat grote mediabedrijven Sinclair en Nexstar hadden geweigerd de show nog uit te zenden.
Trump weet zelf ook dat hij niets te zeggen heeft over de licenties voor radio- en tv-zenders en regelgeving voor mediabedrijven. Maar de president was wel verantwoordelijk voor het aanstellen van FCC-voorzitter Brendan Carr, die daar wel over gaat. Carr ligt qua gedachtegoed op één lijn met Trump.
“Trump oefent vooral op indirecte wijze invloed uit”, zegt Mark Boukes, universitair hoofddocent Communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam en gespecialiseerd in journalistiek en media. “Trump heeft bij de FCC een medestander aan de macht. Daarmee heeft hij indirect invloed op hoe het medialandschap wordt vormgegeven.”
Manon Portos Minetti, promovendus aan de Universiteit Leiden en gespecialiseerd in fundamentalistisch christelijk rechts in (het medialandschap van) de VS, ziet hoe Trumps drukmiddelen toenemen. “Hij uit fel zijn mening over talkshowhosts en daagt The New York Times voor de rechter vanwege ‘partijdige berichtgeving’. Hij lijkt korte metten te willen maken met negatieve meningen over hem en zijn visie.”
Trump heeft ook buiten de FCC medestanders op de juiste plaatsen zitten, legt Portos Minetti uit. “ABC is onderdeel van Disney, een conservatief bedrijf dat al vaker heeft getoond Trump te vriend te willen houden. Disney draaide zijn programma voor diversiteit en gelijkheid al de nek om voordat dit landelijk beleid werd, omdat Trump dit wilde. Veel eigenaren van dit soort grote bedrijven zijn conservatief en Republikeins en doen hem graag een gunst.”
De vrees voor financiële sancties is groot bij mediabedrijven, denkt Portos Minetti. Zo beslist de FCC, net als de ACM in Nederland, ook over mogelijke fusies en overnames van bedrijven. “Voor de portemonnee lijkt het handiger de FCC, en daarmee dus ook Trump, te vriend te houden. Ook omdat eventuele rechtszaken, waar Trump mee strooit, miljoenen kunnen kosten.”
Zo komen bedrijven voor een dilemma te staan. “Ze moeten de afweging maken: ze gaan voor financiële doeleinden óf een principieel punt maken door achter hun satire te staan”, stelt Boukes.
“Het lijkt er nu op dat een aantal bedrijven geen stelling durft te nemen en vrijheid van meningsuiting minder hoog in het vaandel heeft dan hun commerciële doelen”, ziet Boukes. “ABC heeft zich door Kimmel van tv te halen proactief ingegraven. Ze ondernamen er al actie voordat ze echt op de vingers getikt werden.”
“Als je het vergelijkt met Nederland: RTL dat Arjen Lubach van de buis haalt, omdat ze bang zouden zijn dat zijn kritiek op het kabinet ervoor zou zorgen dat de ACM of het Commissariaat voor de Media de overname van DPG afkeurt. Een hele bizarre gewaarwording.”
Ook de geschreven pers staat door rechtszaken en uitsluiting bij Trumps persmomenten onder druk. “Je merkt dat Amerikaanse media versoberen”, zegt Portos Minetti. “CNN was al nooit uitgesproken, maar is milder geworden in de manier waarop het Trump bespreekt. Kranten die voorheen een voorkeur uitspraken bij presidentsverkiezingen deden dit afgelopen keer niet.”
Volgens Boukes en Portos Minetti is de omvang van de inmenging van Trump in media ongekend. “De Verenigde Staten hebben een sterke cultuur van politieke satire”, zegt Boukes. “George W. Bush werd bijvoorbeeld ook hard aangepakt door satirici, maar heeft niet geprobeerd die vrijheid in te perken.”
Waarom Trump wel? “Hij is anders dan de gemiddelde president”, vindt Portos Minetti. “Hij denkt als een zakenman. Hij is gewend dingen uit te vechten in de rechtszaal om zijn zin te krijgen.” Boukes: “Als onderdeel van het eerste amendement van de grondwet was vrijheid van meningsuiting en pers voor de meeste presidenten bijna heilig. Trump heeft daar duidelijk minder mee op.”
De president richt zijn pijlen nu al op de volgende talkshowhosts die hij graag ziet verdwijnen: Seth Meyers en Jimmy Fallon. Portos Minetti denkt dat ook zij moeten vrezen. “Trump heeft veel middelen tot zijn beschikking. De moord op Charlie Kirk wordt gebruikt om het eerste amendement, de vrijheid van meningsuiting, in te perken als het hem niet aanstaat.”
Hoe kunnen media dan hun kritische geluid behouden zonder bang te hoeven zijn voor sancties? Portos Minetti: “De extreemste optie, die we ook hebben gezien bij mediabedrijven die zich in Israël en Rusland kritisch uitlieten op de regering, is vanuit het buitenland opereren. Of die rechtszaak aangaan en hopen dat het recht zegeviert.”